Loempia komt oorspronkelijk uit China. Het gerecht is ontstaan in de Chinese keuken en heeft zich via handelswegen en migratie verspreid over heel Azië en later de rest van de wereld. Vandaag de dag ken je loempia in tientallen varianten, van Vietnam tot de Filipijnen en van Indonesië tot Nederland.
De Chinese wortels van de loempia
Het woord “loempia” komt uit het Hokkien-Chinees (een dialect uit de provincie Fujian in zuidoost-China) en betekent zoiets als “lentewikkel” of “lenterol”. In het Mandarijn heet het gerecht chūnjuǎn, wat letterlijk “lentebroodje” betekent. De naam verwijst naar het Lentefeest, het Chinese Nieuwjaarsfeest, waarbij vroeger dunne pannenkoeken gevuld met verse groenten werden gegeten om de lente te verwelkomen.
In de loop van de tijd veranderde het gerecht. De dunne, zachte pannenkoek maakte plaats voor een knapperig deegvelletje dat werd gevuld en daarna gefrituurde. Zo ontstond de loempia zoals je die nu kent: een krokant rolletje gevuld met groenten, vlees of een combinatie van beiden.
Hoe verspreidde de loempia zich over Azië?
Chinese handelaars en migranten namen het gerecht mee naar andere delen van Azië. Vooral in landen als Vietnam, Indonesië, de Filipijnen en Cambodja werd de loempia enthousiast omarmd. Elk land paste het recept aan op basis van lokale ingrediënten en smaakvoorkeuren. Daardoor smaakt een Vietnamese loempia anders dan een Indonesische of Filipijnse versie.
- Vietnam: Hier heet de gefrituurde variant chả giò. Er bestaat ook een niet-gefrituurde versie, de gỏi cuốn, gevuld met garnalen, kruideniers en rijstvermicelli in rijstpapier.
- Filipijnen: De loempia (hier lumpia geschreven) is een nationaal geliefd gerecht, zowel gebakken als vers. De vulling bevat vaak varkensvlees, wortel en taugé.
- Indonesië: De Indonesische loempia, ook wel lumpia of lunpia genaamd, is populair in Semarang op Java. De Semarangse loempia staat bekend om zijn vulling van bamboescheuten en ei.
- Cambodja: Ook hier bestaat een vergelijkbare rol, maar met lokale kruiden en sauzen.
Waar komt loempia vandaan in Nederland?
In Nederland is de loempia bekend geworden via de Indische en Chinese gemeenschap. Na de Tweede Wereldoorlog kwamen veel mensen uit de voormalige kolonie Nederlands-Indië naar Nederland. Zij namen hun eetcultuur mee, inclusief de loempia. Chinees-Indonesische restaurants maakten het gerecht populair bij het grote publiek. Later werd de loempia ook een vast item op de Hollandse markt, in de frietkraam en bij snackbars.
De Nederlandse marktloempia is doorgaans groter dan het Aziatische origineel en gevuld met taugé, kool en soms kipgehakt of garnalen. Hij wordt geserveerd met zoete chilisaus of een lichte ketjapsaus. Dit is een duidelijk voorbeeld van hoe een gerecht zich aanpast aan de lokale smaak.
Vers of gefrituurd: twee takken uit dezelfde stam
Binnen de loempiafamilie bestaan grofweg twee varianten: de gefrituurde en de verse loempia. De gefrituurde versie, met een krokant deegvelletje, is het meest bekend in Nederland. De verse variant, zoals de Vietnamese gỏi cuốn of de Filipijnse lumpiang sariwa, wordt niet gebakken en is omhuld met een zacht rijstpapier of een dunne pannenkoek. Beide varianten stammen af van hetzelfde Chinese basisgerecht, maar zijn door lokale tradities in een andere richting gegroeid.
Loempia is dus een gerecht met een lange reis achter de rug: begonnen als een feestelijk lentegerecht in China, doorgegeven via generaties en continenten, en uitgegroeid tot een wereldwijd geliefd hapje. Elke versie die je eet, draagt een stukje van die geschiedenis met zich mee.
Lees ook









