Anijs (Pimpinella anisum) komt oorspronkelijk uit het oostelijke Middellandse Zeegebied en het Midden-Oosten. De plant groeit al duizenden jaren in gebieden als Egypte, Griekenland, Turkije en de Levant. Vandaar verspreidde anijs zich langzaam over de rest van de wereld.

De exacte herkomst van anijs

De oudste sporen van anijsgebruik komen uit het oude Egypte. Egyptenaren gebruikten de plant al minstens 4.000 jaar geleden, zowel als kruid in de keuken als voor medicinale doeleinden. Ook in het oude Griekenland en Rome was anijs goed bekend. De Griekse arts Hippocrates schreef over de werking van anijs, en de Romeinen gebruikten het onder meer om spijsverteringsproblemen te verlichten.

De wetenschappelijke naam Pimpinella anisum verwijst naar de plantensoort binnen de schermbloemenfamilie (Apiaceae). Binnen die familie zitten ook bekende kruiden als venkel, dille en karwij, en de gelijkenis in smaak is niet toevallig: al deze planten bevatten vergelijkbare aromatische stoffen.

Hoe anijs zich verspreidde vanuit zijn oorsprongsgebied

Via handelsroutes vanuit het Midden-Oosten en de Middellandse Zee raakte anijs bekend in heel Europa. In de middeleeuwen werd de plant populair in landen als Spanje, Italië en Frankrijk. Monniken verbouwden anijs in kloostertuinen, omdat de plant zowel culinaire als geneeskrachtige waarde had.

Met de Europese kolonisatie van Amerika en Azië reisde anijs mee naar nieuwe continenten. Tegenwoordig wordt de plant geteeld in landen over de hele wereld, waaronder Spanje, Turkije, Egypte, Mexico en Argentinië. Turkije en Egypte behoren nog altijd tot de grootste producenten.

Waar groeit anijs van nature?

In het wild gedijt anijs het best in een warm, droog klimaat met veel zon en goed doorlatende grond. De plant houdt van de omstandigheden die kenmerkend zijn voor de Middellandse Zee: warme zomers, zachte winters en weinig regen. Dat verklaart waarom het oorspronkelijk verspreidingsgebied zo nauw aansluit bij die klimaatzone.

Anijs is een eenjarige plant die ongeveer 50 tot 80 centimeter hoog wordt. De witte bloemetjes groeien in schermen, wat de plant haar familienaam geeft. De zaadjes, die je kent als anijszaad, zijn het meest gebruikte deel van de plant.

Van oorsprongsgebied naar wereldwijd gebruik

Dat anijs zo ver heeft gereist, heeft alles te maken met zijn uitgesproken smaak en veelzijdigheid. Het karakteristieke zoete, licht pittige aroma (veroorzaakt door de stof anethol) maakt het geschikt voor zowel zoete als hartige gerechten, voor dranken en voor geneesmiddelen. Denk aan anijslikeur in landen als Turkije (rakı), Griekenland (ouzo) en Frankrijk (pastis), maar ook aan drop, speculaas en anijsmelk, die in Nederland al eeuwen populair zijn.

De lange reis van anijs, van de oevers van de Nijl en de kusten van de Egeïsche Zee naar keukens over de hele wereld, laat zien hoe een kruid met een sterke identiteit zijn weg kan vinden. De herkomst uit het Middellandse Zeegebied en het Midden-Oosten is nog steeds zichtbaar in de regio’s waar de plant het meest verbouwd en gebruikt wordt.

Comments are closed.