Naanbrood komt oorspronkelijk uit de Perzische keuken en verspreidde zich daarna via de oude handelsroutes naar het Indiase subcontinent. Vandaag de dag wordt het brood overal ter wereld gegeten, maar de wortels liggen dus in het gebied dat nu grotendeels Iran is.

De naam “naan” is afgeleid van het Perzische woord voor brood. Dat is ook te zien in andere talen in de regio: in Urdu, Hindi en Pasjtoe wordt het woord “naan” of een variatie daarop gebruikt als algemene term voor brood. Het is dus geen naam voor een specifiek recept, maar eerder een oud woord dat gewoon “brood” betekende.

Van Perzië naar het Indiase subcontinent

Het naanbrood reisde mee met handelaren en reizigers langs de Zijderoutes, de grote netwerken van handelsroutes die Azië, het Midden-Oosten en Europa verbonden. Via die routes kwamen niet alleen goederen mee, maar ook voedselgewoonten en bereidingstechnieken. Zo raakte het platte brood stevig ingeburgerd in wat nu India, Pakistan en Afghanistan is.

Op het Indiase subcontinent werd het brood bereid in een tandoor, een cilindrische kleiovon die met hout of houtskool wordt gestookt en extreem hoge temperaturen bereikt. De binnenkant van de oven wordt kletsnat gemaakt, zodat het deeg ertegenaan geplakt kan worden. In die hitte gaart het brood in slechts een paar minuten en krijgt het die typische licht geblakerde vlekken en luchtige, iets knapperige structuur. Deze bereidingswijze is voor een groot deel verantwoordelijk voor hoe naanbrood er vandaag de dag uitziet en smaakt.

Wat maakt naanbrood anders dan ander plat brood?

Naanbrood wordt gemaakt van gezuurd deeg, wat het onderscheidt van veel andere platte broodsoorten zoals chapati of roti, die zonder rijsmiddel worden bereid. Traditioneel gebruik je yoghurt of gist om het deeg te laten rijzen, waardoor het wat luchtiger en zachter wordt. Ook bevat het deeg vaak melk of ghee (geklaarde boter), wat bijdraagt aan de rijke smaak en zachte structuur.

Die combinatie van gezuurd deeg en het bakken in een gloeiend hete tandoor geeft naanbrood zijn kenmerkende taaie maar tegelijk zachte bite. In restaurants buiten Zuid-Azië wordt de tandoor soms vervangen door een gewone oven of grillpan, wat een vergelijkbaar resultaat geeft maar technisch gezien toch net iets anders is.

Hoe verspreidde naanbrood zich naar de rest van de wereld?

De grote verspreiding van naanbrood buiten Zuid-Azië hangt sterk samen met de Indiase en Pakistaanse diaspora. Vanaf de twintigste eeuw openden immigranten restaurants in Europa, Noord-Amerika en Australië, en naanbrood werd al snel een van de herkenbaarste gerechten uit die keukens. Wie een Indiaas restaurant bezoekt, treft het brood vrijwel altijd op de kaart aan, vaak als bijgerecht bij curry’s of als basis voor gevulde varianten zoals keema naan (gevuld met gekruid gehakt) of peshwari naan (gevuld met kokos en noten).

Inmiddels ligt naanbrood ook gewoon bij de supermarkt, in verschillende varianten en smaakjes. Die versies zijn vaak voorgegaard en alleen nog even op te warmen, wat uiteraard praktisch is maar niet helemaal te vergelijken met versgebakken naan uit een tandoor.

Naanbrood heeft dus een lange reis achter de rug, van de Perzische keuken langs de oude handelswegen naar keukens wereldwijd. De kern van het brood, gezuurd deeg op hoge temperatuur gebakken, is al die eeuwen vrijwel hetzelfde gebleven.

Comments are closed.