Maïs komt oorspronkelijk uit Midden-Amerika, meer specifiek uit het huidige Mexico. De plant, wetenschappelijk bekend als Zea mays, werd daar duizenden jaren geleden al verbouwd door inheemse volkeren, lang voordat Europeanen voet zetten op het Amerikaanse continent.
Waar komt maïs vandaan: Mexico als bakermat
De herkomst van maïs ligt in Midden-Amerika, en onderzoekers wijzen vooral naar het gebied van het huidige Mexico als de plek waar de plant voor het eerst werd geteeld. Maïs behoort tot de grassenfamilie (Poaceae) en is nauw verwant aan een wilde grassoort die in Mexico voorkomt: teosinte. Wetenschappers gaan er vrijwel unaniem van uit dat maïs afstamt van deze wilde grassoort, die er heel anders uitziet dan de dikke maïskolven die we tegenwoordig kennen.
De overgang van wild gras naar voedselgewas verliep via een langzaam proces van selectie. Inheemse bevolkingsgroepen kozen steeds de planten met de grootste en meeste zaden uit om opnieuw te planten. Na duizenden jaren van dit soort veredeling ontstond de maïsplant zoals we die nu kennen, met volle kolven vol grote korrels.
Hoe oud is maïs als cultuurgewas?
Archeologisch onderzoek toont aan dat maïs al minstens 9.000 jaar geleden werd verbouwd in Midden-Amerika. Dat maakt het een van de oudste cultuurgewassen ter wereld. Voor volkeren als de Maya’s en de Azteken was maïs niet zomaar een voedingsbron. Het was een heilig gewas, verweven met religie, mythologie en dagelijks leven. Maïs was letterlijk de basis van hun dieet en cultuur.
Van Amerika naar de rest van de wereld
Na de komst van Europeanen in Amerika aan het einde van de vijftiende eeuw verspreidden Spaanse en Portugese ontdekkingsreizigers de maïsplant mee naar Europa, Afrika en Azië. Deze verspreiding ging snel. In de loop van de zestiende eeuw werd maïs al verbouwd in grote delen van Europa en langs de Afrikaanse kusten. Daarna volgden andere continenten.
De reden voor die snelle verspreiding is simpel: maïs is een robuust gewas dat in veel verschillende klimaten groeit, hoge opbrengsten geeft en goed te bewaren is. Dat maakte het aantrekkelijk voor boeren overal ter wereld.
Maïs in Europa en Nederland
In Europa werd maïs aanvankelijk geteeld als curiositeit in botanische tuinen. Later, toen de landbouwkundige waarde duidelijk werd, verschoof dat snel. Tegenwoordig is maïs een van de belangrijkste landbouwgewassen ter wereld en ook in Nederland een veelgezien gewas. Hier wordt het vooral geteeld als veevoer, onder de naam snijmaïs. De plant groeit goed in de zandgronden van het zuiden en oosten van het land.
Zo legt de mais die je in een Nederlands weiland ziet groeien een reis af van duizenden jaren: van wilde grassoorten in Mexico, via eeuwenlange veredeling door inheemse volkeren, naar Europese akkers en uiteindelijk het bord of de koeienstal om de hoek.

Comments are closed.