Raki komt uit Turkije, waar de drank al eeuwen wordt gemaakt en gedronken. De oorsprong van raki wordt doorgaans geplaatst in de 14e eeuw, tijdens het bewind van de Ottomaanse heerser Yıldırım Bayezid. Sindsdien groeide de drank uit tot een vast onderdeel van de Turkse cultuur en tafel.
Waar komt raki vandaan: de Ottomaanse roots
Raki heeft zijn wortels in het Ottomaanse Rijk. Volgens de overlevering werd de drank voor het eerst gemaakt rond de tijd van sultan Yıldırım Bayezid, die regeerde van 1389 tot 1402. Of dit historisch volledig te bewijzen valt, is niet zeker, maar de 14e eeuw geldt in Turkije als het startpunt van de raki-traditie.
De drank werd oorspronkelijk gedestilleerd op basis van druivenmost of rozijnen, aangevuld met anijszaad. Die combinatie is tot op de dag van vandaag de kern van raki. Het anijszaad geeft de drank zijn kenmerkende zoete, venkelachtige smaak en de troebel witte kleur zodra je er water bij voegt.
Van Ottomaans rijk naar Turkse nationale trots
Na de val van het Ottomaanse Rijk en de oprichting van de Turkse republiek in 1923 bleef raki populair. De drank werd zelfs nauw verbonden met Mustafa Kemal Atatürk, de stichter van het moderne Turkije, die raki naar verluidt zelf regelmatig dronk. Daarmee kreeg de drank een bijna symbolische status als Turks erfgoed.
In de loop van de 20e eeuw werd de productie van raki verder gestandaardiseerd. De drank werd gemaakt door staatsbedrijven en later ook door private producenten. Bekende merken als Yeni Rakı kwamen op de markt en maakten de drank internationaal bekend.
Hoe raki gemaakt wordt en waarom dat de oorsprong verklaart
Raki wordt gemaakt door druiven te fermenteren en te destilleren, waarna anijszaad wordt toegevoegd tijdens een tweede destillatie. Dit proces is vergelijkbaar met dat van andere anijsdranken uit de regio, zoals de Griekse ouzo en de Franse pastis. Dat is geen toeval: handelsroutes en culturele uitwisseling in het Middellandse Zeegebied zorgden voor verspreiding van zowel de techniek als het anijszaad.
Toch onderscheidt raki zich. De combinatie van een specifiek druivendestillaat met tweemaal gestookte anijs is typisch Turks. De drank bevat doorgaans 40 tot 50 procent alcohol. In Turkije heet raki ook wel “leeuwenmelk” (Turks: aslan sütü), een bijnaam die verwijst naar de witte kleur die ontstaat bij het aanlengen met water.
Raki in de Turkse cultuur: niet zomaar een borrel
Raki is in Turkije meer dan een alcoholische drank. De drank wordt bijna altijd gecombineerd met een uitgebreide tafel van kleine gerechtjes, mezze genaamd, en wordt gedronken in goed gezelschap. Er is een heel ritueel omheen: je lengt raki aan met koud water en ijs, in een verhouding naar eigen smaak, en drinkt langzaam door de maaltijd heen.
Die drinktraditie heeft alles te maken met de oorsprong van de drank in een samenleving waar eten en samenzijn centraal stonden. Raki is nooit een drank om snel te drinken, maar om bij te zitten.
Raki vindt zijn oorsprong dus in het 14e-eeuwse Ottomaanse Turkije, met wortels in de druiventeelt en de anijshandel van het Middellandse Zeegebied. Die geschiedenis merk je nog steeds in hoe de drank vandaag wordt gemaakt en gedronken: traag, met eten, en met aandacht voor het gezelschap.

Comments are closed.