Sambuca komt uit Italië, meer specifiek wordt de likeur al eeuwenlang geassocieerd met de regio rond Rome en de kustplaatsen van Midden-Italië. De drank is een anijslikeur met een alcoholpercentage van 40% en dankt zijn typische smaak aan steromsanijs, ook wel ster-anijs genoemd. Maar de exacte oorsprong van sambuca is iets gelaagder dan alleen een land of stad.
Waar komt sambuca vandaan? De naam en de regio
Over de herkomst van de naam “sambuca” bestaan twee veelgenoemde theorieën. De eerste legt een verband met de Arabische haven Zammech op Sardinië, waar anijsproducten al vroeg werden verhandeld en gedronken. Arabische handelaren brachten anijs en andere specerijen mee naar Italië, en de geur en smaak van de drank zouden zijn naam aan die handelsroute te danken hebben.
De tweede theorie koppelt de naam aan het Latijnse woord “sambucus”, wat vlierbes betekent. Vroeger werden vlierbessen soms gebruikt bij de bereiding van gelijksoortige kruidenlikeuren in Italië. Hoewel vlierbes in moderne sambuca nauwelijks of niet meer voorkomt, is deze botanische link nog steeds een veelgenoemde uitleg voor de naam.
De rol van Civitavecchia en Luigi Manzi
De moderne sambuca zoals we die nu kennen, wordt sterk verbonden met de Italiaanse havenstad Civitavecchia, ten noorden van Rome. Volgens de overlevering was het Luigi Manzi die in de negentiende eeuw een van de vroegste commerciële versies van de drank produceerde in die stad. Hij zou een recept hebben ontwikkeld op basis van steromsanijs, suiker en alcohol, waarmee hij de basis legde voor wat sambuca zou worden.
Later, in de twintigste eeuw, was het Angelo Molinari die de drank echt groot maakte. Zijn merk Molinari, eveneens afkomstig uit Civitavecchia, groeide uit tot het bekendste sambucamerk ter wereld. De familie Molinari begon de productie in 1945 en bracht sambuca systematisch op de Italiaanse en internationale markt. Daardoor wordt Civitavecchia door velen gezien als de thuisstad van sambuca.
Van Arabische anijs tot Italiaanse likeur
De anijs die de smaak van sambuca bepaalt, komt oorspronkelijk uit het Midden-Oosten en Azië. Steromsanijs groeide van nature niet in Italië, maar werd al eeuwen geïmporteerd via handelsroutes door de Arabische wereld. Dat maakt de geschiedenis van sambuca deels ook een verhaal van culturele uitwisseling: Arabische handelaren brachten de smaak naar het Middellandse Zeegebied, en Italiaanse distilleerders maakten er hun eigen drank van.
In Italië zelf had het gebruik van anijs in likeuren al een lange traditie. Soortgelijke anijsdranken bestaan in heel het Middellandse Zeegebied, zoals de Griekse ouzo, de Turkse rakı en de Franse pastis. Sambuca onderscheidt zich door de zoete, vrij zware smaak en het relatief hoge suikergehalte, wat typisch is voor de Italiaanse benadering van likeurbereiding.
Hoe ziet sambuca er vandaag uit?
De meeste sambuca is helder van kleur. Dat is de “bianca” of witte sambuca. Maar er bestaat ook zwarte sambuca, die zijn donkere kleur dankt aan toegevoegde kruiden zoals anijsbloesem. De zwarte variant smaakt iets kruidiger en minder zoet dan de transparante versie. Verder is er ook rode sambuca op de markt, een nieuwere variant met een fruitiger karakter.
De drank is in Italië traditioneel populair als digestief, een borrel na het eten. Een bekende manier van drinken is “con la mosca”, letterlijk “met de vlieg”: sambuca in een glas met twee of drie koffiebonen. Die bonen worden soms even aangestoken zodat de suikers karamelliseren. Dit gebruik is ontstaan in Rome en omstreken en laat zien hoe sterk sambuca verweven is met de Italiaanse eetcultuur.
Sambuca komt dus uit Italië, met Civitavecchia als het concrete middelpunt van de moderne productie, maar met wortels die teruggaan op Arabische handelsroutes en een eeuwenlange Italiaanse traditie van kruiden- en anijslikeuren. Het is een drank met meerdere lagen, zowel in smaak als in geschiedenis.

Comments are closed.