Bapao komt oorspronkelijk uit China. Het gestoomde broodje met vulling stamt af van de Chinese baozi, een gerecht dat al meer dan duizend jaar bestaat in de Chinese keuken. Via Chinese migranten verspreidde het zich over heel Azië en uiteindelijk ook naar Nederland, waar het een vertrouwd straatgerecht werd.

De Chinese wortels van bapao

De naam “bapao” is afgeleid van het Hokkien-Chinese woord bapao of ba-pau, wat ruwweg “vleesbroodje” betekent. Het Hokkien is een dialect dat gesproken wordt in de Chinese provincie Fujian en door veel Chinese migranten in Zuidoost-Azië. Het originele Chinese gerecht heet baozi (包子) en bestaat uit een zacht, gestoomd deeg gevuld met vlees, groenten of zoete pasta. In China zijn deze broodjes al eeuwenlang een populair onderdeel van de maaltijd of als snack tussendoor.

Volgens de Chinese overlevering zou de baozi uitgevonden zijn door de strateeg Zhuge Liang, die leefde in de derde eeuw na Christus. Of dat verhaal historisch klopt, is niet zeker, maar het geeft wel aan hoe diep de baozi geworteld is in de Chinese cultuur. Wat vaststaat, is dat gestoomde gevulde broodjes al lang voor de moderne tijd een basisonderdeel waren van de Chinese eetstijl, ook wel dim sum in het Kantonees.

Waar komt bapao vandaan in de Nederlandse context?

In Nederland is bapao sterk verbonden met de Chinees-Indonesische gemeenschap. Toen in de negentiende en vroege twintigste eeuw grote groepen Chinezen naar het toenmalige Nederlands-Indië (het huidige Indonesië) migreerden, namen ze hun eetgewoonten mee. De baozi werd in Indonesië bekend als bakpao (in het Indonesisch), en via de Indische gemeenschap die na de Tweede Wereldoorlog naar Nederland kwam, raakte het broodje ingeburgerd in de Nederlandse samenleving.

Nederlanders kwamen bapao vaak voor het eerst tegen in Chinees-Indische restaurants of bij de Chinees-Indische snackbar. Daar werd het broodje verkocht als snack of als onderdeel van een groter menu. Tegenwoordig ligt bapao gewoon in de schappen van supermarkten en bij Aziatische bakkers, in varianten met varkensvlees, kip, of een zoete vulling zoals rode bonenpasta.

Hoe verschilt bapao van het Chinese origineel?

De bapao die je in Nederland kent, lijkt sterk op de Chinese baozi, maar er zijn kleine verschillen. Het deeg van de Nederlandse bapao is vaak iets zachter en zoeter dan het origineel. De vulling varieert: in China zie je veel regionale verschillen, van pittige varkensvulling in het noorden tot zoete lotosnootpasta in het zuiden. In Nederland zijn de meest gangbare varianten die met gekruid varkensvlees of kip, vaak met een licht zoete saus.

In Aziatische landen zoals de Filipijnen (waar het siopao heet) en Vietnam heeft de baozi ook een eigen lokale draai gekregen. Dat laat zien hoe één gerecht zich via migratie aanpast aan de smaak van een nieuw land, zonder zijn oorsprong te verliezen.

Bapao is dus in de kern een Chinees product dat via migratie en culturele uitwisseling een eigen plek heeft veroverd in de Nederlandse eetcultuur. De volgende keer dat je een bapao eet, proef je eigenlijk een stukje culinaire geschiedenis van meer dan duizend jaar oud.

Comments are closed.